Korte en Lange Poten

Een man komt bij een hotel en weet dat hij failliet is. Wat is hier aan de hand? Er wordt een potje Monopoly gespeeld en iemand is op Lange Poten in Den Haag gekomen, waar een andere speler een hotel op heeft gezet. Het is een dure straat, dus de kans op verder spelen is inderdaad niet zo groot. Sommige straatnamen zijn zo vertrouwd dat je er niet eens meer bij nadenkt hoe absurd ze eigenlijk klinken. Zo ook bij ‘onze’ Korte en Lange Poten. Toch is de naam minder vreemd dan het lijkt.

De straten liggen in elkaars verlengde en dat ‘korte’ en ‘lange’ spreken voor zich. Maar hoe zit het met die Poten? In 1392 was er al een Potenstraet, een zandpad dat liep van het pas gegraven Spoye, het Spui, naar het Haagse Bos. Langs dat pad waren wilgen gepoot: de jonge boomaanplant die de weg markeerde heeft dus voor de naam gezorgd.

Plaatselijk wel en wee door de tijd heen

Door de eeuwen heen is er geschiedenis geschreven in de beide Poten. Zo was er in de middeleeuwen een groot nonnenklooster te vinden, het Convent van Maria in Galilea. Als katholiek instituut overleefde het klooster de Opstand (de Tachtigjarige Oorlog) niet. Alleen de Bagijnenstraat herinnert nog aan haar bestaan.

Omstreeks het begin van de 17e eeuw werden er voor het eerst huizen gebouwd aan de beide Poten. Samen vormden ze een rechte straat die een steeds belangrijkere doorgangsweg werd. In 1878 zat er zelfs niets anders op dan de straat te verbreden omdat er zoveel verkeer doorheen ging. De Poten werden een verkeersader richting Leiden, en de andere kant op naar Loosduinen en het Westland. Deze drukte had allerlei gevolgen. De Poten werden samen met het Spui in de tweede helft van de negentiende eeuw hèt winkelhart van Den Haag. Grote warenhuizen en modezaken zoals Au Bon Marché en Vroom&Dreesmann vestigden zich er en trokken veel publiek. Na 1930 liep de klandizie terug door de aanleg van de Grote Marktstraat, waar veel zaken heengingen. Voor de Poten bleven de kleinere winkels over.

Heel chique was het in 1887 geopende Hotel Central. Het had een overdekte, doodlopende, winkelpassage in de stijl van de Passage. Op een foto uit 1910 zijn mensen te zien die na het winkelen een overdekt kopje koffie drinken. Toen ook al lekker, maar lang duurde die vreugde niet; al in 1920 werd het hotel afgebroken. Op ongeveer dezelfde plaats is nu op Lange Poten 4 de publieksingang van de Tweede Kamer.

Beroemde straat

Oh, oh, Den Haag, mooie stad achter de duinen.
De Schilderswijk, Lange Poten en het Plein.
Oh, oh, Den Haag, ik zou met niemand willen ruilen,
meteen gaan huilen, als ik geen Hagenees zou zijn
.            Harry Jekkers

 Dus niet alleen Monopoly, ook dit refrein gaf de Lange Poten –helemaal terecht- nationale bekendheid.

————————————————————————-

Gepubliceerd in Breeduit Den Haag, personeelsblad gemeente Den Haag.

Als onderdeel van een serie Haagse straatnamen

 

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *